OPERA GAZET
![]()
Operette
van
Emmerich Kálmán (muziek) en Leo Stein & Béla Jenbach (libretto). Gecreëerd
in het Johann-Strauss-Theater te Wenen op 17 november 1915. Première van deze
productie door het
Ooit
was „Die
Csárdásfürstin“ een repertoirestuk in de Vlaamse Opera. Het schitterende
operettepaar Maria van der Meirsch en Dago Meybert zorgden ervoor dat het werk
geregeld op de affiches stond. Die tijd schijnt wel definitief voorbij en onze
Vlaamse Opera negeert het genre nu volledig. Na het bijwonen van deze
voorstelling, vragen wij ons trouwens af waarom: aan de muziek kan het niet
liggen want die is bijzonder melodieus en meeslepend. Ook de intrige is handig
en geestig uitgebouwd, al zijn de gesproken teksten wat verouderd en vooral te
lang naar onze smaak. Als reden voor de verwaarlozing van deze jonge zuster van
de opera, wordt vaak aangehaald dat er in al deze operettes te veel adellijke
personages voorkomen. Ook dat zou nochtans geen bezwaar mogen zijn: de
massaverkoop van tijdschriften als “ Royalty”, “Story”, “Dag Allemaal” en andere
snertboekjes wijzen er op dat het hedendaagse publiek dweept met de “noblesse”
en alles wat maar enigszins naar koningshuizen ruikt. Waarom zouden zij dezelfde
roddelpraat niet op de scène kunnen smaken?
Wij vertellen even de inhoud. Sylva Varescu is een succesvolle “chansonnière”.
In een theater te Budapest bereidt zij zich voor op een tournee naar Amerika.
Haar bewonderaar, de Weense vorstenzoon Edwin Lippert-Weylersheim, wil haar
tegen de wens van zijn ouders huwen. Deze hebben trouwens zijn verloving met
zijn nicht, gravin Stasi, al voorbereid. Als Boni, een vriend van Edwin, dit aan
Sylva meldt, reist zij meteen met hem (Boni) naar Amerika.
Enkele weken later wordt bij de
Lippert-Weylersheims in Wenen de verloving van Edwin en Stasi bekend gemaakt.
Plots verschijnt Sylva met Boni en zij laat zich voor diens vrouw doorgaan.
Edwin, die nog steeds op haar verliefd is, vraagt aan zijn vriend Boni om zich
te laten scheiden. Hij weet trouwens dat Boni van Stasi houdt. Sylva gelooft
Edwin en is akkoord met de geveinsde scheiding. Zij wordt echter door de vorst
tot de orde geroepen: aangezien zij een theateractrice is en bovendien niet van
adel, kan zij Edwin niet huwen.
In
de derde acte komen alle personages samen in een Weens hotel. Daar komt aan het
licht dat de vorstin, Edwins moeder, ooit een theatervedette was. De vorst kan
nu niet anders dan het huwelijk van zijn zoon met Sylvia inwilligen. Ook Boni en
Stasi worden een echtpaar.
De voorstelling die wij bijwoonden was niet denderend. Al bij de inzet van de
ouverture, werden wij onaangenaam verrast door de doffe, ongenuanceerde klank
van het orkest. Maar het was vooral het entreelied van Sylva dat ons tegen de
rug van onze stoel drukte. Veerle Spiloes bleek vocaal niet opgewassen tegen
deze moeilijke sopraanrol. Slordige inzetten, valse noten, onnauwkeurige
intonaties en schrille of afgebroken topnoten volgden zich in een snel tempo op.
Het leed geen twijfel dat dit een catastrofale misbezetting was. Onvoorstelbaar
dat de organisatoren dat zelf niet tijdig gehoord hebben en haar vervangen hebben
door een échte sopraan!
In de ensembles ging het iets beter, maar de andere aria’s van Sylva (en het
zijn er heel wat!) bevestigden onmiskenbaar dat Spiloes voor deze rol veel te
hoog gegrepen heeft.
Haar aanbidder, de bariton Dirk Cauwelier, had het natuurlijk niet gemakkelijk
met zo een partner. Maar ook hij was niet om over naar huis te schrijven. De man
mist het charisma en de glans voor Edwin, die ons in de oren ligt met een
tenorstem. Joris Bosman deed zijn best om wat leven in de brouwerij te brengen,
maar ook hij heeft niet écht de stem voor de rol van Boni, daarvoor is zijn
tenorstem te baritonaal. Bovendien miste hij de soepelheid en de dansvaardigheid
om zich in de balletensembles te integreren. Een verpozing was de sopraan Emilie
De Voght als Stasi. Honderd procent zuiver klonk zij ook niet, maar in
vergelijking met Sylva was zij een echte vedette. Was het niet beter geweest de
rollen om te draaien?
De kleine rollen werden verdienstelijk ingevuld door Leo Claus als Feri, Gui
Devriese als vorst Leopold Maria en Simonne De Ridder als vorstin Anhilte.
Regisseur
Marnik Baert sleutelde wat aan de inhoud door het geheel naar een filmstudio te
verplaatsen. Gelukkig gebeurde dat tamelijk discreet. Een camera op statief in
de linkerhoek van het podium en een wat rond wandelende regisseur vormden de
enige afbreuk aan het gewone verhaal. De personenregie was degelijk, ook de
dialogen waren spontaan, maar helaas veel te lang.
Het orkest onder leiding van Marc Van den Broeck was beter in de begeleiding van
de ensembles dan in de ouverture. Ook het koor klonk bevredigend, maar dat kon
de rampzalige misbezetting van de titelrol, de futloze Edwin en de weinig lenige
Boni niet goedmaken.
Het succes was maar matig.
Wel viel ons op dat de zaal van de stadsschouwburg helemaal vol was, toch wel
een bewijs dat de operette een nieuwe (en betere) kans verdient.
Er zijn nog voorstellingen
in de Stadsschouwburg te Sint-Niklaas op 11, 14, 15 november, in het Cultureel
Centrum te Sleidinge op 16 november, in de Arenbergschouwburg te Antwerpen op 17
november en in het Cultureel Centrum te Ternat op 13 december 2009.
De volgende productie is: “Im
weissen Rössl” van Ralph Benatzky op 9, 10, 30, 31 oktober en 1 november 2010.
G.M. (Gepubliceerd op
10/11/2009.
Foto's van boven naar onder:
1) Veerle Spiloes als Sylva Varescu en Dirk Cauwelier als Edwin.
2) Joris Bosman als Graaf Boni.
3) Emilie De Voght als Gravin Stasi.
Copyright foto's
©
Jurgen Toune.
![]()