OPERA GAZET

RECENSIES

OPERAVOORSTELLINGEN IN BERLIJN

Deutsche Oper Berlin

“OTELLO”

Opera in vier bedrijven van Giuseppe Verdi op een libretto van Arrigo Boito naar William Shakespeare. De opera werd voor het eerst opgevoerd in het Teatro alla Scala te Milaan op 5 februari 1887. We waren op 13 juni 2010 aanwezig bij een opvoering in de Deutsche Oper Berlin.

Otello - Anja Harteros als Desdemona en José Cura als Otello (Foto: Barbara Aumüller)“Otello” wordt samen met “Falstaff” aanzien als het opus magnum van Verdi. Muzikaal staat het werk toch wel wat apart van de rest van het oeuvre van de componist. De grote uitdaging voor een theater dat de opera wil opvoeren, bestaat in het vinden van een tenor voor de titelrol. Het aantal zangers dat deze rol aan kan is immers erg beperkt.
De Deutsche Oper Berlin had voor zijn nieuwe productie een beroep gedaan op José Cura, één van de bekendere hedendaagse vertolkers van “Otello”. Helaas moesten we vaststellen dat Cura op het laatste moment om gezondheidsredenen verstek had laten gaan voor de voorstelling die we bijwoonden. Hij werd vervangen door Frank Porretta, een man die ons onbekend was. Helaas was zijn stem, ondanks het gepaste donkere timbre absoluut niet geschikt voor de moordende rol van de Moor en heeft hij het charisma van een komkommer: waarschijnlijk zou Porretta aanvaardbaar zijn als Rodolfo in “La Bohème” of Alfredo in “La Traviata”, maar als Otello lijkt hij wel een muis die een olifant wil spelen. Dit werd overigens al van de eerste ogenblikken duidelijk wanneer hij bij het bekende “Esultate!” vrijwel onhoorbaar was. Zowat alle dramatische passages vergingen hetzelfde lot, enkel bij de meer ingetogen momenten bewees Porretta, onder andere met een paar mooie piano’s, dat hij een degelijke zanger is - in een ander repertoire. Erg jammer, zowel voor het publiek dat de voorstelling onthoofd zag, als voor de zanger zelf die op het einde door een deel van het publiek uitgejouwd werd.
Otello - Zjelko Lucic als Jago en José Cura als Otello (Foto: Barbara Aumüller)Nochtans was de voorstelling voor de rest van een meer dan behoorlijk muzikaal niveau. Zo waren we onder de indruk van Anja Harteros in de rol van Desdemona. Deze jonge Duitse sopraan, enkele jaren geleden nog laureate van de “Cardiff Singer of the World” wedstrijd heeft een hemels mooie lyrische sopraanstem met schitterende piano’s en voldoende omvang voor de rol. Bovendien weet ze zich beter dan haar landgenoten aan te passen aan het Italiaanse karakter van de opera. Haar grote scène in het vierde bedrijf was hét hoogtepunt van de voorstelling. Het publiek was na afloop razend enthousiast over haar prestatie, hoewel hier ook wel een tikkeltje terecht chauvinisme zal meegespeeld hebben. De Servische bariton Zjelko Lucic moest niet veel onderdoen als Jago. Niet alleen zette hij dit gluiperige karakter erg geloofwaardig neer, ook vocaal wist hij de nodige nuances te leggen, zowel in zijn zang als in de tekst. De jonge Chinese tenor Yosep Kang, lid van het ensemble van de Deutsche Oper, hoorden we al vaker in Berlijn in kleinere rollen. Als Cassio bewees hij stilaan klaar te zijn voor het belangrijke werk. Zijn stem is gestoeld op een perfecte techniek en projecteert goed. Het timbre is aangenaam. De kleinere rollen waren stuk voor stuk goed bezet, al hadden we wat bedenkingen bij de merkwaardige zangtechniek van de bas Hyung-Wook Lee als Lodovico die ondanks zijn jeugdige leeftijd last bleek te hebben van een erge “wobble”.
Dirigent Patrick Summers, die zelf inviel voor deze productie, kweet zich perfect van zijn taak. Zijn interpretatie zat vol subtiliteiten en nuances die ons nooit eerder opvielen in Verdi’s muziek. Ook het gebrek aan “italianità” waar we ons in de Deutsche Oper al vaker aan ergerden, leek bij hem verdwenen als sneeuw voor de zon. Sterk, maar af en toe wat ongelijk, was het koor van de Deutsche Oper.
Otello - Anja Harteros als Desdemona en José Cura als Otello (Foto: Barbara Aumüller)Regisseur Andreas Kriegenburg laat het verhaal spelen in een soort vluchtelingenkamp. De zij- en achterwand zijn verdeeld in compartimentjes, kamertjes eigenlijk, waar de vluchtelingen wonen. De hoofdpersonages zijn een soort militairen waarvan het niet duidelijk is of ze de vluchtelingen beschermen of gevangen houden. Dit decor blijft onveranderd tijdens de opera, behalve voor het einde van het eerste en het laatste bedrijf, twee taferelen die zich afspelen in de slaapkamer van Otello en Desdemona. Op zich allemaal nogal braaf, maar er zijn toch wel wat storende elementen. Zo is Otello niet zwart - een nogal essentiële eigenschap van de Moor die hem eigenlijk wat buiten de gewone samenleving zet. Bovendien speelt het verhaal zich dus steeds af voor een publiek van “vluchtelingen”, ook wanneer dat niet klopt met het verhaal, en de gebeurtenissen dus onwaarschijnlijk worden. Zo kunnen we ons moeilijk voorstellen dat Jago zijn credo zou afsteken te midden van een groep mensen. Maar uiteindelijk vonden we de enscenering globaal genomen niet echt storend - wat niet betekent dat ze in onze ogen een meerwaarde betekende voor de voorstelling.
“Otello” van Verdi zonder Otello laat de toeschouwer toch wel wat op zijn honger zitten, ondanks de andere kwaliteiten van de voorstelling.

Er zijn verdere voorstellingen op 24 en 27 juni 2010, telkens met Frank Porretta als Otello, maar voor de rest een gewijzigde bezetting.

H.D. (Gepubliceerd op 20/6/2010)

Foto's van boven naar onder:
1) Anja Harteros als Desdemona en José Cura als Otello.
2) Zjelko Lucic als Jago en José Cura als Otello.
3)
Anja Harteros als Desdemona en José Cura als Otello.
Copyright foto's ©
Barbara Aumüller.

TERUG NAAR KEUZELIJST DUITSLAND