OPERA GAZET
![]()
Openingsconcert
voor het speeljaar 2009/10 door de Deutsche Opera am Rhein te Düsseldorf op 29
augustus 2009.
Deze
openingsgala stond op een zeer hoog niveau. De grote zaal van het Opernhaus op
de Heinrich-Heine-Allee in Düsseldorf was volledig uitverkocht en een menigte
van bijna 10.000 personen volgde het concert via grote schermen op de Burgplatz.
Het waren trouwens ook premières voor de nieuwe opera-intendant Christoph Meyer
en de nieuwe muziekdirecteur Axel Kober.
Op de Burgplatz werd eveneens een familiaal voorprogramma gepresenteerd om nieuw
publiek aan te trekken. Een soortgelijk concert zal op 6 september plaats vinden
in het Theater Duisburg en de Philhamonie Mercatorhalle.
De plaatselijk blijkbaar zeer bekende moderatoren Harald Schmidt en Dr. Eckart
von Hirschhausen voerden ons en de buitentoehoorders op een zeer ludieke wijze
door het bijna vier uur durende programma.
De avond werd ingezet met een schitterende uitvoering van het voorspel tot de
derde acte van “Lohengrin” en de intrede van de gasten uit “Tannhäuser” met het
voltallige koor. Beide Wagnerfragmenten klonken prachtig en feestelijk om het
niveau direct te bepalen. Dan kwamen diverse solisten aan bod, waarbij praktisch
iedereen artistiek groeide in de loop van het concert zodat het tweede deel ons
het best voldeed.
De bas Hans-Peter König zong de aartsmoeilijke aria van Zaccaria uit “Nabucco”,
een beetje vlak, maar later leverde hij een prachtprestatie met “La Calunnia”
uit “Il Barbiere di Siviglia”. In de drie fragmenten uit “Rigoletto” kwam de
jonge sopraan Anna Virovlansky zeer goed over met haar “Caro Nome”, evenals de
mezzo Geneviève King en de bariton Boris Statsenko in het kwartet “Bella figlia
dell’amore”. De aangekondigde tenor Andrej Dunaev was ziek en werd vervangen
door de Koreaanse tenor Alfred Kim uit de opera van Frankfurt. Helaas kon hij
niet overtuigen met “La Donna e mobile”. Hier was trouwens ook een klein
probleem met de inzet van het orkest. Boris Statsenko zette later het tweede
deel in met een verbluffende vocale en scenische uitvoering van het “Largo al
factotum” uit “Il Barbiere di Siviglia”.
Neil
Shicoff werd aangekondigd als “star” tenor, wat hij ooit geweest is. Hij kwam
ons nogal zenuwachtig over en de aangekondigde aria uit “La Juive” werd
vervangen door “E Lucevan le Stelle” uit "Tosca". Hierin moest hij het vooral
hebben van zijn dramatische expressie. In het tweede deel zong hij het “Lied van
Kleinzack” uit “Les Contes d’Hoffmann”, wat hij zeer vlot interpreteerde. Jeanne
Piland leverde dan een goede prestatie met “Voi lo sapete o mama” uit “Cavalleria
Rusticana” en het eerste deel besloot met het slot van de eerste acte uit “Die
Walküre”. Hierin voelden Deborah Polaski en Peter Seiffert zich goed thuis en
het lange fragment klonk zeer stijlvol. Een kleine foutieve inzet van de tenor
loste de dirigent vliegensvlug op. Later zou Seiffert, die in Düsseldorf geboren
is en daar ook zijn debuut gemaakt heeft, het publiek gelukkig maken met “Dein
ist mein ganzes Herz” uit “Das Land des Lächelns. Een aangename verrassing was
de zeer jonge tenor Dimitry Trunov die ons de paradearia “Ah mes amis” uit “La
Fille du Régiment” zong. De negen hoge C’s bleken geen enkel probleem te zijn.
Dat er ook veel afwisseling zat in het programma bleek uit de keuze van het
Flohlied van Mussorgski dat daarna zeer speels gebracht werd door de prachtige
basstem van Timo Riihonen. Tomasz Konieczny was dan een overtuigende Escamillo
met “Votre Toast” uit "Carmen" bijgestaan door Anett Fritsch, Geneviève King en
Theresa Kronthaler met het mannenkoor. Anett Fritsch zong dan een speelse Adèle
met “Mein Herr Marquis” uit “Die Fledermaus” en Theresa Kronthaler bracht de
mooie aria “Spiel auf deine Geige” uit “Venus in Seide”. Een schitterende
prestatie was het “Viljalied” uit “Die lustige Witwe” door Morenike Fadayomi en
het koor. Dan kwam Nataliya Kovalova met het heerlijke “Meine Lippen, sie küssen
so heiss” uit “Giuditta”. Op dat moment werd het programma even gewijzigd wegens
het vuurwerk op de Rijn waarvoor prachtige muziek gespeeld werd door het orkest:
“Independence Day End Tags” van David Arnold. Een beetje ongelukkig kwam daarna
pas een groots fragment uit “Peter Grimes” met verschillende solisten. De
titelrol was voor Roberto Sacca. Verder hoorden we hierin nog Tomasz Konieczny,
Jane Henschel, Elisabeth Selle, Anett Fritsch, Florian Simson, Rebecca de Pont
Davies en James Bobby.
Een toegift liet niet op zich wachten. Het werd “Nessun Dorma” uit "Turandot"
als een soort parodie op de vroegere drie tenoren: hier met Peter Seiffert, Neil
Shicoff en Alfred Kim.
De Düsseldorfer Symphoniker speelde prachtig en het koor van de Deutsche Opera
am Rhein, voorbereid door Gerhard Michalski, zong voortreffelijk. Verbluffend
was de leiding van dirigent Axel Kober. Hij zorgde voor een volmaakte aanvulling
van de verschillende stijlen en genres, naast de noodzakelijke afwisseling in de
klankkleur met zachte piano’s naast imposante forte’s.
Dit was de grootste prestatie van de avond: een heerlijke start voor deze
chef-dirigent.
H.V. (Gepubliceerd op 1/9/2009)
Foto's van boven naar onder:
1) Deborah Poliski als Elektra.
Copyright foto Eric Mahoudeau.
2) Peter Seiffert.
TERUG NAAR KEUZELIJST DUITSLAND
![]()
Opera
van Benjamin Britten (muziek) en Montagu Slater (libretto) naar “The Borough”
van George Crabbe. Gecreëerd in het Sadler’s Wells Theatre te Londen op 7 juni
1945. Bijgewoonde première door de Deutsche Oper am Rhein in het Opernhaus
Düsseldorf op 18 september 2009.
Het was
voor ons een eerste kennismaking met een scenische opvoering van “Peter Grimes”.
Het was een zeer aangename ontdekking en te horen aan de lange ovaties na de
voorstelling, gold dit ook voor het publiek in de volle zaal.
De
opera start in de rechtszaal, waar de visser Peter Grimes terecht staat voor de
dood van zijn leerjongen die op zee gestorven is. Na een hele reeks
getuigenissen, wordt Peter Grimes door de rechter vrij gesproken, tegen de zin
van de dorpsbewoners. Enkel Ellen heeft medelijden met Grimes en troost hem. De
dorpelingen willen niet dat Grimes een nieuwe leerjongen krijgt, maar Ellen
belooft hem onder haar hoede te houden. Op zondagmorgen ontdekt Ellen dat de
jongen een blauwe plek heeft in zijn hals. Bij navraag bij Grimes volgt er een
hevige woordenwisseling, die tot in de kerk hoorbaar is en die eindigt met
Grimes die Ellen slaat. Wanneer de dorpsbewoners naar de hut van Grimes gaan om
de zaak te onderzoeken, stuurt deze de jongen naar de boot, maar deze valt van
een rots en stort te pletter. Grimes hoort de gil en gaat hem na. De dorpelingen
vinden geen van beiden en laten de zaak rusten. Ellen vindt later aan de voet
van de rots de trui van de jongen en vreest het ergste. Grimes doolt rond op het
strand en is volledig in de war. Zo erkent hij zelfs Ellen niet meer. Stormweer
is op komt en de oude visser Balstrode geeft hem de raad uit te varen, waarop
Grimes verdwijnt. Het leven in het dorp hervat zijn normale gang.
De
titelrol was in handen van Roberto Saccà. Deze Italiaanse tenor die we ooit voor
het eerst op de Duitse TV leerden kennen met “Heut’ist der schönste Tag in
meinem Leben” en daarna met enkele CD’s waaronder ook één met opera-aria’s,
maakte een grote evolutie door. Hij trad op in de Muntschouwburg als David in
“Die Meistersinger von Nürnberg” (Wagner) en in “Reigen” (Boesmans). Ook zingt
hij nu grote Mozartrollen. De stem die we nu te horen kregen, is gegroeid en
klinkt rijkelijk maar toch zeer beheerst en waar nodig zeer expressief. Scenisch
was zijn vertolking zeer gevoelig en geloofwaardig. De rol van Ellen Oxford werd
eveneens zeer goed gebracht door Gun-Brit Barkmin, zowel zingend als acterend.
De overige vertolkers waren van de bovenste plank. We vernoemen Tomasz Konieczny
(Kapitein Balstrode) en Florian Simson (Bob Boles) met zijn mooie heldere
tenorstem. Verder hoorden wij Sami Luttinen (Swallow, advocaat) Bruce Rankin
(Dominee Horace Adams), James Bobby (Ned Keene, apotheker) en Darren Jeffery
(Hobson, voerder). De dames waren zeer goed gecast in hun diverse rollen. Jane
Henschel was een overtuigende waardin Auntie met Elisabeth Selle en Anett
Fritsch als haar nichtjes. Verder was er nog Rebecca de Pont Davies als Mrs
Sedley. Kleine partijen werden vertolkt door elf koorsolisten. Het
voortreffelijke koor werd voorbereid door Gerhard Michalski.
De
Düsseldorfer Symphoniker leverde weer uitstekend werk onder leiding van
chef-dirigent Axel Kober. De zeer uitdrukkingsvolle regie was van Immo Karman.
Het decor van Kaspar Zwimpfer was niet altijd duidelijk en zelfs ongemakkelijk
voor de solisten. De belichting van Volker Weinhart maakte dan weer veel goed.
Een
opvoering die ons nog lang zal bijblijven, vooral vanwege de sterke
vertolkingen. De voorstelling was beslist de verplaatsing waard, al duurde ze
wel drie uur en vijftien minuten.
Er zijn
nog voorstellingen te Düsseldorf op 25, 27 september, 3, 9, 11 en 17 oktober
2009 en te Duisburg op 8, 10, 27 en 29 november 2009.
H.V.
(Gepubliceerd op 22 september 2009)
Foto's van boven naar onder:
1)
Roberto Sacca als Peter Grimes, ensemble en koor.
2)
Gun-Brit Barkmin als Ellen en Roberto Sacca als
Peter Grimes.
3) Toneelbeeld.
Copyright foto's ©
Hans Jörg Michel
TERUG NAAR KEUZELIJST DUITSLAND
![]()
Opera
van
Richard Strauss naar het gelijknamige drama van Oscar Wilde, vertaald door
Hedwig Lachmann. Gecreëerd in het Königliches Opernhaus te Dresden op 5 december
1905. Bijgewoonde première door de Deutsche Oper am Rhein in het Theater
Duisburg op 19 september 2009.
Salome
is de dochter van Herodias, de echtgenote van Herodes, de tetrarch van Galilea.
Ze geraakt bezeten van de profeet Jochanaan die in een kerker onder het paleis
opgesloten zit. Salome krijgt lustgevoelens en kan de officier Narraboth
overreden de profeet even tot bij haar te brengen. Als deze haar afwijst, eist
zij van Herodes het hoofd van Jochanaan omdat zij diens lippen zou kunnen
kussen. Daarom voert ze een dans met zeven sluiers uit. Op het einde laat
Herodes haar doden na haar ziekelijke omgang met het hoofd van Jochanaan.
De uitvoering door de Deutsche Oper am Rhein was muzikaal zeer sterk en
uitdrukkingsvol. Wat de regie (Tatjana Gürbaca) en het decor (Klaus Grünberg)
betreft kunnen we zeer bondig zijn: totaal niet passend bij de muziek en
schandelijk aangepast. Deze visie verdient het afgestraft te worden met
langdurig boegeroep!
De Duisburger Philharmoniker speelde zeer imposant en kleurrijk onder de leiding
van Michael Boder en ondersteunde de zangers op een wijze die hen tot grote
prestaties hielp. Een klein voorbehoud voor de heldentenor Wolfgang Schmidt die
vocaal wel sterk en uitdrukkingsvol presteerde, maar op lange noten een minder
aangenaam vibrato liet horen. Markus Marquardt bezit een zeer kleurrijke stem
die hij ten volle gebruikte in de prachtige zangpartij van Jochanaan. Daarnaast
liet Norbert Ernst een mooie tenorstem horen als Narraboth, uitstekend in deze
rol. Renée Morloc was eveneens zeer goed als Herodias.
We
waren vol verwachting voor Morenike Fadayomi die de rol van Salome vertolkte.
Hoewel we een meer dramatische sopraan voor deze rol verkiezen, kon zij ons
volledig overtuigen dankzij haar uitstekende techniek. Ze was volkomen
opgewassen tegen de grootse orkestratie, maar liet ook mooie piano’s horen. De
kleinere partijen waren allemaal in goede handen. We vernoemen ze in groepen. De
vijf joden waren Johannes Preissinger, Michael Pflumm, Markus Müller, Manfred
Fink en Benno Remling. De twee Nazareners waren Günes Gürle en Alexandru
Ionitza, de twee soldaten werden vertolkt door Rolf Broman en Timo Riihonen.
Verder waren er nog Theresa Kronthaler (een page), Lukasz Konieczny (een
Cappadocier) en Alma Sadé (een slavin).
Deze productie is een muzikale aanrader. Wat de regie en de aanpassingen van het
verhaal betreft, moet men zelf oordelen.
Er zijn
nog voorstellingen te Duisburg op 25, 29 september, 3, 6, 9, 11, 25 oktober
2009, 7 en 10 april 2010. Te Düsseldorf op 8, 13, 15, 25 november, 3, 17 en 27
december 2009.
H.V.
(Gepubliceerd op 22 september 2009)
Foto's van boven naar onder:
1) Achteraan: v.l.n.r. Timo Riihonen, Rolf Broman, Renée Morloc, Morenike
Fadayomi. Vooraan: v.l.n.r. Wolfgang Schmidt, Theresa Kronthaler, Norbert Ernst
en Lukasz Konieczy.
2) Wolfgang Schmidt, Morenike Fadayomi en Renée
Morloc.
Copyright foto's ©
Hans Jörg Michel
TERUG NAAR KEUZELIJST DUITSLAND
![]()
“Märchenspiel”
in drie tonelen van
Engelbert Humperdinck op een tekst van Adelheid Wette naar
het gelijknamige sprookje van de gebroeders Grimm. De eerste opvoering had
plaats in Weimar op 23 december 1893. We woonden op 29 november 2009 een
voorstelling van dit werk bij in de Deutsche Opera am Rhein te Düsseldorf.
Humperdinck
specialiseerde zich zowat in het schrijven van sprookjesopera’s, maar heeft
nooit het succes van zijn eerste werk, “Hänsel und Gretel”, weten te evenaren.
Hij weet met zijn muziek perfect het kinderlijke te treffen, ondanks
Wagneriaanse invloeden tijdens vooral het voorspel en de tussenspelen. Dat
laatste hoeft niet te verwonderen daar hij gedurende een paar jaar de assistent
van Wagner was in Bayreuth, in de periode dat deze de eerste uitvoering van zijn
“Parsifal” aan het voorbereiden was. Humperdinck zelf heeft dan weer hoorbaar
invloed uitgeoefend op de composities van Richard Wagner’s zoon Siegfried.
Het libretto, van de hand van Humperdinck’s zuster, behandelt het sprookje van
de gebroeders Grimm erg vrijblijvend. Zo is er geen sprake van de
kiezelsteentjes of broodkruimels die Hansje achterlaat om de weg terug te vinden
en betekent het einde van de heks geen rijkdom voor de kinderen en hun ouders,
maar wel de redding van de kinderen die voorheen al in peperkoek veranderd
waren. Op zich is dit een goede zaak: het verhaal wordt op die manier compacter
(de opera duurt goed anderhalf uur). Bovendien wordt toch wel wat van de
boosaardigheid uit het verhaal gehaald. Dit alles maakt dat de opera erg
geschikt is voor een jong publiek.
Jong
was het publiek wel, daar in Düsseldorf. Zowat de gehele parterre was bezet door
kinderen van uiteenlopende leeftijden. En het moet gezegd, Humperdinck’s werk
viel in de smaak van het jeugdige volkje. Grote verdienste daarvoor gaat naar de
enscenering van Andreas Meyer-Hanno die ondertussen al 40 jaar mee gaat. Meyer
Hanno weet de geest van “Hänsel und Gretel” perfect te vatten en te visualiseren
op een manier die zeker traditioneel en zelfs ouderwets genoemd kan worden, maar
dat laatste is dan als compliment bedoeld. Het kinderpaar werd erg overtuigend
en levendig uitgebeeld en de heks was tegelijk schrikaanjagend en grappig.
Het is zeker niet zo dat de rollen van Hansje en/of Grietje gezongen kunnen
worden door kinderen. Daarvoor is de orkestratie van de opera te zwaar. Het komt
er dus op aan om solisten te vinden die op een geloofwaardige manier gestalte
kunnen geven aan deze jeugdige personages. En het moet gezegd worden, de
Deutsche Oper am Rhein had voor de voorstelling die we zagen een mooie cast
samengesteld. Katarzyna Kuncio en Romana Noack veroverden met hun energieke spel
onmiddellijk de kinderharten en wisten ook vocaal te overtuigen. Torsten Hofman
als heks was bij momenten hilarisch, al was zijn spel duidelijk van hoger niveau
dan zijn zang. Vooral in de hoogte klonk zijn stem erg genepen, maar misschien
past dat wel bij de rol. Stefan Heideman zong uitmuntend de rol van de vader,
maar Renée Morloc heeft zelfs voor de episodische rol van de moeder nog
onvoldoende stem over.
De
Düsseldorfer Symphoniker stond voor de gelegenheid onder de leiding van Ralf
Lange. Het bleek duidelijk dat deze muziek na al die jaren goed in de vingers
van orkest en dirigent zit zodat we konden genieten van prachtig orkestspel,
vooral tijdens de orkestrale passages, wat ons betreft de hoogtepunten van de
opera.
Voor de liefhebbers toch een kleine waarschuwing: de aanwezigheid van een grote
hoeveelheid kinderen in een theater schept een unieke sfeer, maar staat niet
bepaald garant voor een rustige voorstelling. Vooral tijdens de ouverture en de
tussenspelen krijgen de belhamels het soms moeilijk, met het nodige geroezemoes
als gevolg.
Deze
productie, vooral een aanrader voor kinderen, wordt nog gespeeld in Düsseldorf
op 11 en 16 december 2009, en verhuist daarna naar Duisburg waar voorstellingen
voorzien zijn op 18, 20, 22, 25, 29 december 2009 en16 januari 2010.
H.D.
(Gepubliceerd op 3/12/2009)
1)
2)
Katarzyna Kuncio (Hänsel), Torsten Hofmann (Hexe) en Romana Noack (Gretel).
3)
Sängerensemble mit dem Kinderchor der Deutschen Oper
am Rhein.
Copyright foto's © Frank Heller.
TERUG NAAR KEUZELIJST DUITSLAND
![]()