OPERA GAZET
![]()
Operette van Franz Lehar (muziek) en Bela Jenbach & Heinz Reichert (libretto), vrij naar Zapolska-Scharlitt. Aanpassing voor de Seefestspiele Mörbisch door Peter Lund. Wereldpremière op 21 februari 1927 in het Deutsches Kunstlertheater te Berlijn. Première van deze productie op 15 juli 2010. Bijgewoonde voorstelling op 30 juli 2010.
Voor
het eerst in de 53 jaar dat de Seefestspiele Mörbisch bestaan, wordt “Der
Zarewitsch” hier opgevoerd. Laten we direct melden dat het een hele
belevenis werd. Niet alleen het indrukwekkende podium van 3500 m2 met
reusachtig decor, maar ook de massa medewerkers: solisten, koor, orkest,
figuratie, ballet en extradansers, acrobaten en alle technici, in totaal een
300 tal medewerkers! De grote groep figuranten acteert vlot en de ploeg die
het toneeldecor manueel wisselt is ook in toneelkledij. Alles gebeurt vlug
en feilloos. Wat een prestatie!
We kregen vooraf een rondleiding achter de Bühne, waaruit bleek wat een
reusachtige en toch efficiënte decors gebruikt werden. Alles gebeurt
uiteraard met een indrukwekkende klankinstallatie van hoge kwaliteit. De
dictie was ook zodanig dat alles prima verstaanbaar was, ook in de zang. We
zijn verheugd eindelijk eens een regisseur eerlijk te kunnen feliciteren.
Peter Lund gebruikte alle mogelijkheden om grote effecten te combineren met
intieme momenten. Hij had de vertolkers met veel resultaat gestimuleerd. Ook
werd de humor niet vergeten en de personenregie was zeer intens en gekleurd.
De choreografie van Giorgio Madia was zeer wel ingekaderd in het geheel.
Natuurlijk zat het publiek te wachten op de bekende zangnummers, zoals
“Einer wird kommen” voor Sonja. Uiteraard is het “Wolgalied” voor de
titelfiguur een echte schlager, maar ook duetten zoals “Hab’nur dich allein”
zijn zeer bekend naast het zeer ontroerende “Warum had jeder Frühling nur
einen Mai...” Ook het soubrettepaar is goed bedacht met zangnummers zoals
het bekende “Heute Abend komm’ich zu dir”.
Wat de vertolking betreft, waren meerdere rollen dubbel bezet. Op onze avond
was de Roemeense tenor Tiberius Simu de Tsarewitsch. Hij bezit een prachtige
figuur en het uiterlijk van een filmster, wat natuurlijk een goede
aanvulling is voor zijn mooie stem, waarbij hij geen enkele hoge C schuwt.
Dit alles gekoppeld aan een vlotte acteerprestatie, waren alleen al de
moeite waard om deze productie te zien.
Ook
zijn partner Sonja was uitstekend bezet met de Weense sopraan Alexandra
Reinprecht. Zij bezit eveneens alles wat men van een operettediva kan
wensen: uiterlijk, acteertalent, charme en vooral een mooie goed geleide
stem. De schermpartij tussen hen beiden - wanneer Sonja hem als Tscherkesch
benadert - was ook zeer sterk ingeoefend en leek wel echt. In de finale van
het werk gaf zij ook een zeer gevoelig afscheidsspel, terwijl achter haar,
zeer groots, haar geliefde tot Tsaar gekroond werd. We kennen deze operette
zeer goed, maar waren toch bijzonder ontroerd.
Meestal speelt intendant Prof. Harald Serafin zelf de Grootvorst, maar wij
kregen Christian Futterknecht, die qua uiterlijk en talent zeker een goed
alternatief was. Het tweede koppeltje: de lijfknecht Ivan en zijn vrouw
Mascha waren zeer vlot en vocaal heel sterk, vooral Sieglinde Feldhofer,
maar ook Marko Kathol met een volle tenorstem, was erg levendig in zijn rol.
Verder
was Friedrich-W.Schwardtmann een goede Ministerpresident die op een heerlijk
geacteerde wijze een negatieve houding aanneemt over de liefde van de
Tsarewitsch en de gevolgen ervan. De rol van Bordolo werd door Ciro De Luca
als een parodie op de overdreven Italiaanse filmverleiders gespeeld. Als
geboren Napolitaan had hij dat heerlijke accent om de rol aan te dikken. Het
werd een aangenaam intermezzo met veel humor voor de eigenlijk nogal
treurige laatste acte. Zeer gesmaakt werden zijn grappen over Berlusconi en
“FIN de la SERRA” = “SERAFIN” (de intendant). Het orkest werd zeer muzikaal
geleid door Gunter Fruhman. Alles klonk zeer goed en gevoelig waar nodig.
Hij slaagde er zeer efficiënt in ook de voortreffelijke koorzang in het
gareel te houden, vooral omdat die zangers niet op het toneel stonden maar
in een lokaal zongen achter de Bühne.
Het Bühnebild en de kostuums van Rolf Langenfass waren heel geschikt. Na de
finale barstte nog een heerlijk vuurwerk los. Lehar is natuurlijk één der
grootste operettecomponisten en voor ons de allerbeste. Men noemt hem wel
eens de Puccini van de operette. Beide componisten kenden elkaar en in de
Leharvilla te Bad Ischl hangen foto’s over een bezoek van Puccini aan Lehar
in diens huis. Het was erg koud deze avond maar Lehar had ons erg warm
gehouden.
Deze productie loopt nog tot 29 augustus 2010.
Volgend jaar komt “Der Zigeunerbaron” van Johann Strauss terug aan de beurt
vanaf 14 juli 2011.
Mörbisch is een echte aanrader voor alle liefhebbers van operettes. En kent
u dit genre niet, dan is dit de grote kans om het bijna volmaakt te leren
kennen.
H.V. (Gepubliceerd op 16/8/2010)
Foto's van boven naar onder:
1) Alexandra Reinprecht als Sonja en Harald Serafin
als De Grootvorst.
2) Sieglinde Feldhofer als Masha en Marko Kathol als Ivan.
3) Tiberius Simu als Der Zarewitsch.
Copyright foto's
©
Lichtstark.com
TERUG NAAR KEUZELIJST OOSTENRIJK
![]()