OPERA GAZET
![]()
Opera
in twee bedrijven en een tussenspel van
Ildebrando Pizzetti naar het gelijknamige toneelstuk van
T.S. Eliot.
Het werk werd voor het eerst opgevoerd in het Teatro alla Scala te Milaan op 1
maart 1958. We woonden op 5 mei 2011 een voorstelling bij in de Oper Frankfurt
waar gebruik gemaakt werd van een Engelse vertaling van Geoffrey Dunn.
T.S. Eliot schreef zijn toneelstuk
“Murder in the Cathedral” voor de opening van het Canterbury Festival 1935.
Een passender onderwerp dan de moord op de aartsbisschop
Thomas
Becket op de trappen van de kathedraal van Canterbury in 1170 was nauwelijks
denkbaar, zeker daar het werk op diezelfde trappen in première ging. Maar het
werk had ook een boodschap. Het vertelt het verhaal van het verzet van het
individu tegen het gezag. Tegen de achtergrond van het opkomend fascisme in
Europa was het niet moeilijk te begrijpen dat Eliot het volk opriep om zich
hiertegen te verzetten.
Aartsbisschop Thomas Becket keert op 2 december 1170 terug uit ballingschap.
Wanneer hij herkend wordt door drie priesters, waarschuwen deze hem voor de wraak
van koning Henry II bij wie Becket in ongenade gevallen is. Vervolgens moet hij
weerstaan aan een viertal verzoekingen. Het verhaal gaat na het tussenspel
verder op 29 december. De aartsbisschop krijgt het bezoek van een viertal
ridders die de koning zijn ergernis over Becket hebben horen uiten en dit
geïnterpreteerd hebben als een bevel tot executie. De priesters weten de ridders
te verjagen, maar deze komen later terug en slaan toe. Na de moord keren de
ridders zich naar het publiek om hun daad te rechtvaardigen.
Net
als in het toneelstuk is ook in Pizzetti’s opera een belangrijke rol weggelegd
voor het koor. De manier waarop het ontwikkelt, commentaar geeft op de
gebeurtenissen en een link vormt met het publiek, toont duidelijke gelijkenissen
met de Griekse tragedie. Ook de voordurende aanwezigheid van het hoofdpersonage
op het toneel is typisch voor deze kunstvorm. Pizzetti verweeft in zijn muziek
voor het koor invloeden uit de Gregoriaanse zang. Voor de personages gebruikt
hij hoofdzakelijk het voor hem typische “recitar cantando”. In zijn geheel
klinkt de partituur erg melodieus en dramatisch.
Regisseur Keith Warner situeert de opera (hoe kan het ook anders) tijdens de
tweede wereldoorlog, in een gebouw dat het midden houdt tussen een kerk en een
schuilkelder. In deze onderkoelde omgeving hangt het drama van in het begin in
de lucht. Voor de rest blijft Warner erg dicht bij de tekst: wat bezongen wordt
is vaak ook te zien. Ook de vier verzoekingen worden prachtig vorm gegeven met
“Joker” als symbool voor materiële welstand, of een spiegelbeeld van Becket voor
het omverwerpen van de koning leggen sterke dramatische accenten in de
enscenering. Op het einde van de opera daalt een nieuwe Thomas Becket neer uit
de hemel. Het verhaal kan opnieuw beginnen want, zoals Becker eerder zong, hij
is niet de eerste martelaar en zal zeker niet de laatste zijn.
Een opera als “Murder in the Cathedral” staat of valt met de prestatie van de
hoofdrolvertolker. De Oper Frankfurt had hier voor zeker gspeeld: met
John Tomlinson werd
niet alleen een zanger in huis gehaald die met zijn grijze manen de juiste
fysiek voor de rol heeft, maar als Engelsman een bijzondere voeling moet hebben
met de tekst en het verhaal. Hij zet Becket neer als een mens van vlees en bloed
die zoals iedereen in verleiding komt, eerder dan als godsdienstfanaat. Daarbij
wordt hij voor de verschroeiende keuze tussen goed en kwaad geplaatst. Vocaal is
Tomlinson wat op de retour (bepaalde forte-passages klinken niet echt mooi) maar
ook dat past mooi bij het personage. In elk geval, alleen al de prestatie van
Tomlinson is reden genoeg om de opera uit te voeren.
De andere rollen, eigenlijk allemaal eerder episodisch, zijn stuk voor stuk mooi
bezet met zangers uit het gezelschap van de Opera Frankfurt. We onthouden vooral
de puike prestaties van Britta Stallmeister als een mooie lyrische eerste
coryfee en Magnus Baldvinsson als de 4e ridder/4e verzoeker.
Het Frankfurter Opern- und Museumorchester geeft onder leiding van Martyn
Brabbins een dramatische interpretatie van Pizzetti’s partituur waarbij
subtiliteit af en toe opgeofferd wordt aan effect maar die de toeschouwer van
begin tot einde in haar greep houdt. De symbiose met het schitterende koor van
de Oper Frankfurt is perfect.
Niet enkel de prestatie van John Tomlinson maar ook Pizzetti’s muziek maken van
“Murder in the Cathedral” een opera die het ontdekken meer dan waard is. Dat kan
nog in de Oper Frankfurt op 12, 15, 21, 27 en 29 mei 2011.
H.D. (Gepubliceerd op 9 mei 2011)
Foto's van boven naar onder:
1) Sir John Tomlinson als Thomas Becket en het koor van de Oper Frankfurt.
2) Brett Carter als derde verzoeker, Sir John Tomlinson als Thomas Becket en het
koor van de Oper Frankfurt.
3) Sir John Tomlinson als Thomas Becket samen met de vier ridders en het koor
van de Oper Frankfurt.
Copyright foto's
©
Monika Rittershaus
TERUG NAAR KEUZELIJST DUITSLAND
![]()
Opera
in twee bedrijven van
Aulis
Sallinen op een libretto van de componist, naar het epos “Kalevala”.
Het werk werd voor het eerst gespeeld 25 februari 1992 in het Dorothy
Chandler Pavilion in Los Angeles. We woonden op 26 juni 2011 een
voorstelling in het Duits bij in de Oper Frankfurt.
Eens te meer moeten we de Oper Frankfurt complimenteren met de moed die
getoond wordt bij de samenstelling van het programma. Nog nooit eerder
hadden we de mogelijkheid een Finse opera te zien in het theater. Dat is op
zich eigenlijk een opmerkelijk feit want er zijn weinig landen waar de
operatraditie tijdens de laatste decennia van de twintigste eeuw zo levend
was. Componisten als Sallinen,
Rautavaara en anderen schreven voortdurend nieuwe werken. En ook het
aantal zangers met internationale allure dat het land voortbracht is
opvallend. Namen als Mattila, Silvasti en Salminen behoren tot de wereldtop
in hun vak.
Sallinen schreef zijn werk “Kullervo” in opdracht van de Finse Nationale
Opera en was bedoeld om het nieuwe theater in te wijden. Zoals wel vaker,
liep de constructie van het nieuwe operahuis een aanzienlijke vertraging op
waardoor beslist werd om de opera uiteindelijk te creëren tijdens een
tournee door Amerika.
Halfweg de negentiende eeuw, na eerst bezet te zijn door de Zweden en
later door de Russen, groeide in Finland stilaan het besef van een eigen
identiteit. Eén van de belangrijkste symptomen van deze ontwikkeling was het
werk van Elias Lönnrot die het ganse land afreisde om de volksverhalen te
akteren. Uit deze vertellingen distilleerde hij uiteindelijk de “Kalevala”
wat tot op vandaag nog beschouwd wordt als het Finse “oer-epos” en waaruit
onder meer Tolkien inspiratie vond voor zijn roman “In de ban van de ring”.
Kullervo zelf is in het ganse verhaal een eerder onbelangrijk personage. De
opera behandelt met andere woorden een erg korte passage uit de “Kalevala”.
Kullervo’s vader Kalervo had een vete met zijn broer Unto die er toe leidde
dat Unto het huis van Kalervo in brand stak. Enkel Kullervo werd gespaard en
leeft bij het begin van de opera als slaaf bij zijn oom. De gebeurtenissen
hebben echter hun sporen achtergelaten in de psyche van de jonge man.
Wanneer hij later dan onwetend seks heeft met zijn zuster, in een vlaag van
verstandsverbijstering een moord pleegt en vervolgens door zijn ouders die
toch niet dood blijken te zijn verstoten wordt, blijft er voor Kullervo
niets anders meer over dan zich van het leven te beroven.
De muziek die Sallinen bij zijn verhaal schreef bevat eigenlijk invloeden
van alle mogelijke genres uit de muziekgeschiedenis, gaande van barok tot
jazz en zelfs verder. Uit al deze stijlen distilleert Sallinen een eigen
stijl die gedomineerd wordt door een grimmige ondertoon en een voorkeur voor
het slagwerk dat voortdurend aanwezig is. De compositie blijft echter
melodieus en heeft een grote dramatische zeggingskracht. De muziek van
“Kullervo” zou dan ook niet misstaan in een moderne psychologische thriller.
Aangrijpend zijn daarbij ook de tussenkomsten van het koor dat op declamerende
toon commentaar geeft op de gebeurtenissen naar analogie met de Griekse
tragedie.
De regie van Christoph Nel sluit perfect aan bij de eigenschappen van de muziek. Het
decor bestaat uit een soort blokhutten, zoals te verwachten valt in Finland,
en een aangepaste belichting zorgt voor een dreigende sfeer. Nel behandelt
de opera als een karakterstudie van het personage Kullervo: kan een jonge
mens in zijn situatie nog normaal fungeren? Kunnen mensen voorbestemd zijn
om kwaad te verrichten? Is Kullervo werkelijk schuldig aan wat hij doet?
In die optiek is het personage van Kimmo, een jeugdvriend die Kullervo
steeds weer herinnert aan het verleden, erg boeiend: is hij onschuldig aan
de gebeurtenissen, medeplichtig of ronduit schuldig? Nel geeft geen
antwoorden maar laat de toeschouwer zijn eigen mening vormen.
Zoals gebruikelijk had de Oper Frankfurt een schaar meer dan degelijke
solisten vergaard die Sallinen's muziek met verve verdedigden. In de eerste
plaats denken we daarbij aan de Amerikaanse karaktertenor Peter Marsch die
met zijn doordringende, hoogtezekere tenor muzikaal perfect was voor de rol
van Kimmo en bovendien acteerde als de beste.
Ashley Holland stelde zijn
misschien wat te lyrische baritonstem ter beschikking van de dramatische
titelrol en wist succesvol de moeilijkheden van de partituur te omzeilen.
Heidi Brunner kon met haar romige mezzosopraan de wat fletse figuur van de
moeder leven inblazen, terwijl de Nederlandse tenor Frank van Aken een
autoritaire jager neerzette. Ook bij de talloze andere partijen viel niemand
uit de toon, met inbegrip van de akteur Christoph Pütthof die de rol van
blinde zanger vertolkte.
Sallinen is veeleisend voor zijn koor en het nochtans uitstekende koor van de
Opera van Frankfurt had het er niet gemakkelijk mee. Een aantal ongelijke
inzetten ontsierden een voor de rest puike prestatie. Ook dirigent Karsten
Januschke had het af en toe wat moeilijk om zijn troepen op één lijn te
houden maar zorgde desondanks toch voor een passionele ode aan een van de
grootste hedendaagse operacomponisten.
Een opera en een productie die zeker de moeite waard zijn. Helaas zagen we de
laatste voorstelling van de reeks.
H.D. (Gepubliceerd op 28 juni 2011)
Foto's van boven naar onder:
1) Ashley Holland in de titelrol en Peter Marsh als Kimmo.
2) Heidi Brunner als de moeder.
3) Ashley Holland als Kullervo en het koor van de Oper Frankfurt.
Copyright foto's
©
Monika Rittershaus.
TERUG NAAR KEUZELIJST DUITSLAND
![]()