OPERA GAZET
![]()
“SCHERZ, SATIRE, IRONIE UND TIEFERE BEDEUTUNG”
Komische opera van
Detlev Glanert (muziek) en Jörg
W. Gronius (libretto) naar het werk van
Christian Dietrich Grabbe. Gecreëerd
in het Opernhaus te Halle (Saale) op 2 februari 2001. Première van deze
productie in het Theater Pforzheim op 21 mei 2011. Bijgewoonde voorstelling
op 12 juli 2011.
De duivel wordt tijdelijk naar de aarde gestuurd omdat zijn grootmoeder in
de hel aan de grote schoonmaak begonnen is. Niettegenstaande het een warme
dag in augustus is, vindt de duivel het maar koud. Hij wentelt zich in een
dikke pelsjas en wordt zo goed als doodgevroren gevonden door vier
geleerden. Zij denken dat hij een hooggeplaatste van de kerkelijke
hiërarchie is en introduceren hem bij de baron van de plaatselijke gemeente.
Daar zijn heel wat intriges aan de gang. Liddy, de dochter van de baron,
wordt begeerd door drie parasieten die het op haar fortuin gemunt hebben. Er
is ook een schoolmeester en zijn "begaafde" leerling Gottliebchen. Tenslotte
is er nog Mollfels, de enige en ware liefde van Liddy. De duivel voelt zich
onmiddellijk thuis bij dit bonte gezelschap en voert hun naar een
catastrofaal einde. Enkel Liddy en Mollfels kunnen op het nippertje
ontsnappen. De grote schoonmaak is ondertussen voltooid en grootmoederduivel
(die er uitziet als een frisse dienster van een Bayerse Hofbrau…) voert de
duivel terug naar de hel. De uiteindelijke bedenking is dat onze hedendaagse
maatschappij geen duivel nodig heeft om zich te ruïneren vermits het boze
reeds onder ons is.
De muziek van Detlev Glanert was niet steeds even genietbaar. Vooral in de
eerste akte werd overdreven gebruik gemaakt van trompetten en slagwerk. De
zangpartijen beperken zich tot "Sprechgesang" dat echter vaak onverstaanbaar
was door het lawaai van het orkest. In de tweede akte waren enkele mooie
momenten, vooral een wervelend trio, een soort perpetuum mobile, wist ons te
bekoren.
Er werd met veel overgave geacteerd en gezongen door een schaar solisten die
absoluut geen stem tekort hadden, in tegendeel, zij bleken wel een wedstrijd
te voeren met het orkest om wie er het grootste klankvolume kon produceren.
De rol van de duivel werd waargenomen door de countertenor Daniel Lager die
opviel door de schwung waarmee hij aan deze partij gestalte gaf. Wij hoorden
ook drie degelijke baritons, in rollen waar de eerste vereiste niet het
zingen was, maar de vaart en de zwier waarmee zij hun personages dik in de
verf wisten te leggen: Aleksey Ivanov als de baron, Mark Reichert als Herr
von Wernthal en Gerd Jaburek als de dichter Rattengift. Bijzonder welluidend
waren de bassen Cornelius Burger als Freiherr von Mordax en Hans Gröning als
de schoolmeester. De sopraan Elif
Aytelik was de groteske leerling Gottliebchen. Een verademing tussen het
gechargeerd gedoe van al deze karikaturale personages, waren de fraaie
sopraan Katja Bördner als Liddy en de aangenaam lichte tenor Markus Francke, de
enige waarvoor Glanert enkele rustige muzikale momenten in de partituur
inlaste.
De vier natuurhistorieken Anna-Lena Denk, Babett Dörste, Steffen Fichtner en
Axel Humbert waren zonder twijfel de felste lawaaimakers van de avond!
Dirigent Tobias Leppert liet de Badische Philharmonie Pforzheim op volle
toeren draaien. Veel subtiliteit werd van de musici niet gevraagd, maar
toeschouwers die het graag luidruchtig hebben en van donderende
klankuitbarstingen houden, mogen een opvoering van deze opera zeker niet
missen.
Wolf Widder zorgde voor een bijzonder vinnige enscenering, boordevol
grappige vondsten, met kleurrijke, potsierlijke kostuums en in een
sprookjesdecor om van te snoepen.
Er is nog een voorstelling op 14 juli 2011.
Fotos: Sabine Haymann.
G.M. (Gepubliceerd op 13 juli 2011)
Foto's van boven naar onder:
1) Daniel Lager als Der Teufel.
2) Katja Bördner als Liddy en Markus Francke als Mollfels.
3) Gerd Jaburek als Rattengift, Hans Gröning als Schulmeister, Elif Aytekin als
Gottliebchen en Markus Francke als Mollfels.
Copyright foto's © Sabine Haymann.
TERUG NAAR KEUZELIJST DUITSLAND
![]()