OPERA GAZET

RECENSIES

OPERAVOORSTELLINGEN IN MAASTRICHT

“THE GONDOLIERS”

Opéra Comique MaastrichtLight Opera van Arthur Sullivan (muziek) en William Schwenck Gilbert (libretto). Wereldpremière op 7 december 1889 in het Londense Savoy Theatre. Première van deze productie door Opéra Comique Maastricht.(OCM) in La Bonbonniere te Maastricht op 4 november 2010. Bijgewoonde voorstelling op 7 november 2010.

The Gondoliers - Het volledige gezelschap (Foto: Fotostudio G2)Dit speciale en aparte Engelse genre kan men enigszins vergelijken met de Zarzuala in Spanje en de Opéra Comique van Offenbach in Frankrijk. De opvoering gebeurde met het parlando in een Nederlanse vertaling wat niet zo evident is, daar de speciale geest van dit werk zeer Brits is en praktisch onvertaalbaar. Er werd gezongen in de originele Engelse taal met helaas, van op onze plaatsen, onleesbare boventitels. Gelukkig zijn we goed vertrouwd met het genre door opvoeringen te Londen, vooral door The D’Oyly Carte Opera Company. Deze vereniging had zeer lang het alleenrecht voor opvoeringen van de werken van Gilbert & Sullivan. Op de verschillende LP uitvoeringen van “The Gondoliers” die we bezitten, staat uitdrukkelijk vermeld dat de opnames onder leiding stonden van Dame Bridget D’Oyly Carte.
Het verhaal van "The Gondoliers" begint wanneer twee broers en gondeliers een bruid uitkiezen uit de beschikbare meisjes en hiermee huwen. Even later komt de grootinquisiteur vertellen dat de koning van Baratarië overleden is en dat één van deze broers de geadopteerde zoon is van de overleden vorst en dus nu koning wordt. Maar wie van de twee broers de echte is, weet men niet meer. En dan komt de Duke of Plaza-Toro met zijn vrouw en dochter te voorschijn, want zij hebben op de leeftijd van zes maanden deze dochter uitgehuwelijkt aan de prins en ze is nu dus de koningin. Ondertussen is zij volwassen en verliefd op Luiz, de bediende van de hertog. Daar men niet weet wie de echte zoon is, besluit de grootinquisiteur dan maar beide jongens op de troon te zetten en alles met elkaar te delen. Er is maar één persoon die meer duidelijkheid kan brengen en dat is de voedster die destijds voor de jonge prins gezorgd heeft. In de derde acte heeft men haar gevonden en nu blijkt dat zij destijds haar eigen kind weg heeft gegeven voor adoptie en de echte prins zelf heeft groot gebracht. En bij toeval blijkt dit Luiz te zijn, zodat voor alle drie de koppels alles tot een goed einde komt.
The Gondoliers -  De beide koppels Lilit Satie (Tessa), Glenn Desmedt (Guiseppe), Marleen Everink (Gianetta) en Bart Verhagen (Marco) (Foto: Fotostudio G2)De uitvoering was zeker op zijn plaats in dit ouderwetse maar schattige theater. Het ademt lichtelijk de geest uit van het oude Sadler’s Wells Theatre te Londen. Het OCM voerde sinds 1998 met deze productie erbij, al vijf werken van Gilbert & Sullivan op. Na de onvermijdelijke toespraak van de voorzitter startte het 18 koppige orkest onder leiding van Ben Perry de korte, pittige ouverture. Over de klank van dit ensemble en hun prestaties kan men tevreden zijn. Ook speelden ze nooit te sterk voor de solisten, wat zelfs in professionele gezelschappen niet altijd het geval is. Het koor bestond uit een twintigtal dames en een tiental heren die vlijtig hun best deden en juist zongen, maar niet altijd heel mooi klonken.
De solisten waren het beste bezet aan de mannelijke zijde. Trouwens, daar lagen ook de belangrijkste rollen. We zullen het alleen over de vocale prestaties hebben daar de praktisch onbestaande regie van Sjeng Verheijden vooral in het eerste deel geen noemenswaardig resultaat had. Het tweede deel was iets beter, behalve dat de zangers vaak ter plaatse bleven staan, vooral bij aria’s. Als er al beweging was, dan werd die halsstarrig diverse malen herhaald.
De twee gondeliers Marco (tenor) en Giuseppe (bariton) werden gezongen door een zwakke tenor Bart Verhagen en door een sterke tenor (?) Glenn Desmedt die de baritonrol zong. Hun akteren was wel het meest overtuigend van de hele productie. De bas Raoul Reimersdal zong Don Alhambra del Bolero met een prachtig en vol stemgeluid. Tenor Jules Peeters was vocaal op zijn plaats als Luiz. Zijn prestaties als trommelaar waren eventjes leuk maar vielen te lang uit. Basbariton Jeffrey Hendriks zong goed, maar gebruikelijk wordt de rol van The Duke of Plaza Toro door een acteur met komische stemvoering vertolkt, waarbij hij dus volgens het origineel niet op zijn plaats was. De kleine zangpartijen waren voldoende bezet door Joen Drost en Rogier Phijffer als twee andere gondeliers. De spreekrol Annibale was aan Peter Schnabel toevertrouwd.
The Gondoliers - De twee Gondoliers Bart Verhagen en Glenn Desmedt (Foto: Fotostudio G2)Bij de dames werden de voornaamste rollen verzorgd door Lilit Sati als Tessa en Marleen Everink als Gianetta. Verder was er Hellen Meijer (Casilda), Anneke Schreinemakers (Duchess) en Annemarie te Strake (Inez). Als boerinnen zagen we dan twee aan twee nog Judith Maassen en Anne-Renée Michiels, Maud Beckers en Ria Dielemans, Eveline Arnold en Suzan Perry.

In 2012 speelt Opéra Comique Maastricht “Les Dragons de Villars” van Aimé Maillart. De grote verdienste van dit gezelschap is het feit dat het zorgvuldig buiten het repertorium van de grote gezelschappen blijft en een blijkbaar tevreden publiek heeft.
Met wat meer inzicht, vooral inzake de regie, is dit een verdienstelijk gezelschap, waar meer uit halen valt.

H.V. (Gepubliceerd op 11/11/2010)

Foto's van boven naar onder:
1) Het volledige gezelschap.
2) De beide koppels Lilit Satie (Tessa), Glenn Desmedt (Guiseppe), Marleen Everink (Gianetta) en Bart Verhagen (Marco)
3)
De twee Gondeliers Bart Verhagen en Glenn Desmedt (Foto: Fotostudio G2)
Copyright foto's © Fotostudio G2

TERUG NAAR KEUZELIJST NEDERLAND

“BARBE-BLEUE”

Opera ZuidOpéra bouffe in drie bedrijven van Jacques Offenbach op een libretto van Henri Meilhac en Ludovic Halévy naar een verhaal van Charles Perrault. Het werk kende zijn creatie op 5 februari 1866 in het Théâtre des Variétés te Parijs. We woonden op 20 maart 2011 een voorstelling bij door Opera Zuid in het Theater aan het Vrijthof te Maastricht.

Barbe-bleue - Mark Omvlee als Le Roi Bobèche (Foto: Morten de Boer)Hoewel het exacte aantal moeilijk te bepalen is, schreef Jacques Offenbach een negentigtal toneelwerken, voor het overgrote deel komische opera’s en operettes. De meeste van zijn composities hebben een satirische ondertoon of zijn bedoeld als parodie op de destijds populaire “grand-opéra”. Zeker in het begin van zijn carrière viel deze aanpak niet bij iedereen in de smaak, maar vanaf de wereldtentoonstelling in 1855, wanneer Offenbach zijn eigen theater opende onder de naam “Bouffes Parisiens” lachte het succes hem toe. Vandaag berust de roem van de componist vooral op zijn opera “Les contes d’Hoffmann” die in 1881 postuum in première ging.

Hoewel minder vaak opgevoerd dan “La belle Hélène” of “Orphée aux enfers”, behoort “Barbe-bleue” ongetwijfeld tot het betere werk van Offenbach. Alle ingrediënten die zijn theaterwerken typeren zijn in ruime mate aanwezig: meeslepende melodieën, opzwepende ritmes worden afgewisseld met lyrische passages of bruisende finales met helse tempi. Het enige wat het werk muzikaal gezien mist, is een melodie die “bij blijft” zoals de cancan uit “Orphée aux enfers” of de barcarolle uit “Les contes d’Hoffmann” - wat mogelijk verklaart waarom “Barbe-bleue” niet vaker gespeeld wordt.

Offenbach baseerde zijn operette (eigenlijk een opéra bouffe) op de legende van Blauwbaard, de man die verantwoordelijk zou zijn voor de dood van een aanzienlijk aantal echtgenotes, zoals die werd opgetekend door Charles Perrault. De synopsis van het meer dan ingewikkelde en ook in het theater soms moeilijk te volgen verhaal vindt U hier. Onnodig te zeggen dat de geschiedenis bij Offenbach culmineert in een happy end.

Barbe-bleue - Joan Ribalta in de titelrol en Martijn Sanders als Popolani (Foto: Morten de Boer)Regisseur Waut Koeken ensceneert “Barbe-bleue” als een sprookje. Alle figuren zijn onmiddellijk herkenbaar als karikatuur. Koeken weet voortdurend de vaart van de muziek in zijn regie bij te houden. De samenwerking met choreografe Ela Baumann is perfect. Het is duidelijk dat de koorleden die dansen (of zijn het dansers die zingen) zich ongelofelijk vermaken en dat straalt af op het publiek. Voeg daarbij het prachtige toneelbeeld van Yannick Larivée, een schuin vlak dat achtereenvolgens een bed, een sofa en een tafel uitbeeldt en je krijgt een spetterende show.

Een bijkomende troef van de productie van Opera Zuid die we in Maastricht bijwoonden, vonden we de kwaliteit van de teksten. Licht aangepast aan de actualiteit (zoals vermelding van Wikileaks, opsomming van wereldproblemen en vermelding van hedendaagse publieke figuren) en fraai gedebiteerd door alle solisten, en in het bijzonder verteller Steve De Schepper, zorgden ze voor een elegante en toch bij wijlen pikante voorstelling. Waar de enscenering eerder het sprookjesachtige van het verhaal belicht, zijn de teksten een stuk ernstiger er “volwassener”. We denken dan ook dat het taalgebruik niet echt aangepast was aan de talrijk opgedaagde kinderen. Voor een kindervoorstelling ware het misschien beter geweest om wat in de teksten te knippen en stukken te vertalen naar het Nederlands.

Barbe-bleue - Steve De Schepper als verteller (Foto: Morten de Boer)Muzikaal gezien valt de productie van Opera Zuid vooral op door het homogene solistenteam. Geen uitschieters naar boven of beneden maar degelijk teamwork is hier de boodschap. Of het nu gaat om de karikaturale Koning Bobèche (Mark Omvlee), de macho Blauwbaard (Joan Ribalta), het herderinnetje Fleurette (Machteld Vennevertloo) of de wat “wereldser” Boulotte (Karin Strobos), elke solist(e) is perfect gecast en weet zich muzikaal en scenisch perfect in zijn personage in te leven.

Af en toe hadden we misschien iets meer “brio” verwacht van het Limburgs symfonieorkest dat zich onder de leiding van José Arean een goed begeleider toonde maar in sommige passages de muziek toch wat meer mocht laten bruisen.

Wie van operettes houdt en graag eens iets minder bekends ziet, zal met “Barbe-bleue” door Opera Zuid zeker niet bedrogen uitkomen. Er zijn nog 11 voorstellingen op verschillende locaties. Wat ons betreft een aanrader !

HD. (Gepubliceerd op 21 maart 2011)


Foto's van boven naar onder:

1) Mark Omvlee als Le Roi Bobèche.
2) Joan Ribalta in de titelrol en Martijn Sanders als Popolani.
3) Steve De Schepper als verteller.


Copyright foto's © Morten de Boer.

TERUG NAAR KEUZELIJST NEDERLAND